Alles voor je dier, groot en klein Voor 15:00 besteld, dezelfde werkdag verzonden Zakelijk bestellen? Vraag een account aan

Weideafrastering

Schrikdraad aarden: zo doe je dat goed

Schrikdraad aarden voorkomt lekstroom en een zwak raster. Ontdek in dit artikel stap voor stap hoe je je schrikdraadapparaat goed en veilig aardt.

26-09-2026 6 min leestijd Advies van Rabe Dierenwereld

Een schrikdraadapparaat kan nog zo krachtig zijn, zonder goede aarding werkt het niet zoals het hoort. Toch is aarding het onderdeel van een weideafrastering waar de meeste fouten in sluipen. Zeker nu het najaar is aangebroken en de grond vochtiger wordt, merk je snel of je aarding wel of niet in orde is. In dit artikel lees je waarom aarding zo belangrijk is en hoe je het in een paar stappen goed aanlegt.

Waarom aarding het hart van je schrikdraadsysteem is

Een schrikdraadapparaat werkt met een stroomkring. De stroom gaat via de draad, het lint of het koord de wei in en moet, zodra een dier of iets anders het raster raakt, via de bodem weer terug naar het apparaat. Die terugweg loopt via de aardpennen. Is de aarding te zwak, dan komt de stroom niet goed terug en voelt de schok voor het dier veel minder overtuigend aan. Het gevolg: koeien, schapen, geiten of paarden die toch tegen het raster aan gaan staan of erdoorheen lopen, met alle risico's van dien.

Een goed geaard systeem is dus net zo belangrijk als het apparaat zelf. Bekijk daarom altijd de aarding en het apparaat als één geheel, niet als twee losse onderdelen.

Wat heb je nodig voor een goede aarding

Aardpennen

De basis van iedere aarding zijn de aardpennen: verzinkte metalen pennen die je de grond in slaat. Hoeveel pennen je nodig hebt en op welke afstand van elkaar, hangt af van het vermogen van je schrikdraadapparaat en van de bodemgesteldheid. Volg hierbij altijd het advies dat bij jouw apparaat wordt geleverd, want dit verschilt per model. Kies voor pennen die specifiek voor schrikdraad zijn gemaakt, zoals een verzinkte aardpen, in plaats van een willekeurige ijzeren staaf. Een aardpen die daarvoor is ontworpen, geeft een betere en stabielere geleiding en gaat bovendien langer mee.

Aardingskabel en klemmen

De aardpennen worden onderling en met het apparaat verbonden via een aardingskabel. Gebruik hiervoor bij voorkeur een speciale aardingskabel, deze is dikker en beter geïsoleerd dan gewone snoerdraad en zorgt voor minder stroomverlies onderweg. Bevestig de kabel met de bijpassende klemmen stevig aan iedere aardpen, zodat er goed contact is en er geen corrosie ontstaat op het verbindingspunt.

Het juiste apparaat

Ook het schrikdraadapparaat zelf speelt een rol. Een apparaat dat niet aansluit op de lengte en het type raster dat je gebruikt, kun je nooit volledig compenseren met extra aarding. Twijfel je nog over welk type apparaat bij jouw situatie past, lees dan ook eens ons artikel over schrikdraadapparaat kiezen. Een ruim assortiment schrikdraadapparaten vind je in onze webshop.

In stappen: zo aard je je schrikdraadapparaat

Ga bij het aanleggen of controleren van je aarding als volgt te werk:

  • Kies een plek voor de aardpennen op enkele meters afstand van het apparaat, bij voorkeur in altijd vochtige grond, bijvoorbeeld in de schaduw.
  • Sla de aardpennen volledig de grond in en houd de onderlinge afstand aan die bij jouw apparaat wordt geadviseerd.
  • Verbind de pennen met elkaar en met de aardingsaansluiting van het apparaat via de aardingskabel en de bijpassende klemmen.
  • Zorg dat de aardpennen niet te dicht bij de aarding van je woning, schuur of stal staan, zodat de systemen elkaar niet beïnvloeden.
  • Houd de plek rond de aardpennen vrij van gras en onkruid, zodat je de aansluitingen kunt blijven controleren.
  • Test na installatie of het raster voldoende schrikt met een geschikte schrikdraadtester.

Veelgemaakte fouten bij het aarden van schrikdraad

De meest voorkomende oorzaak van een zwak of onbetrouwbaar raster is niet het apparaat, maar de aarding. Denk aan te weinig aardpennen, pennen die te dicht bij elkaar staan, verroeste of losse klemmen, of een aardingskabel die te dun of beschadigd is. Ook een aardpen die maar half de grond in is geslagen, geeft onvoldoende contact met vochtige aarde. Controleer daarom regelmatig of alle verbindingen nog stevig vastzitten en vrij zijn van corrosie. Gebruik voor de bevestiging het liefst geschikte bevestigingsmateriaal, dat is gemaakt om weersinvloeden te doorstaan.

Vergeet ook de isolatoren niet. Een lekke isolator zorgt ervoor dat stroom wegvloeit via een paal in plaats van via het raster, waardoor je aarding het werk van een defecte isolator moet compenseren. Controleer daarom ook je isolatoren en vervang beschadigde exemplaren tijdig.

Waarom aarding juist nu in het najaar extra aandacht verdient

Met het vallen van de bladeren en meer regen neemt de vochtigheid van de bodem toe, en dat heeft direct invloed op je schrikdraadsysteem. Natte begroeiing die tegen de draad, het lint of het draad aankomt, zorgt voor meer lekstroom naar de grond. Een goed werkende aarding compenseert een deel hiervan, maar het scheelt al veel als je de begroeiing onder het raster kort houdt. Zet je de dieren binnenkort op stal, controleer dan de aarding voordat je het raster opruimt en opbergt voor de winter, zodat je volgend voorjaar meteen met een werkend systeem start. Meer weten over de opbouw van een raster in het algemeen? Lees dan ook ons artikel over weideafrastering kiezen. Kijk voor palen en ander materiaal ook eens bij onze palen en het bredere assortiment stal en erf.

Veelgestelde vragen

Hoeveel aardpennen heb ik nodig voor mijn schrikdraadapparaat?

Dat hangt af van het vermogen van je apparaat en van het type bodem. Hoe krachtiger het apparaat, hoe meer aardpennen doorgaans nodig zijn. Raadpleeg hiervoor altijd de handleiding van jouw specifieke apparaat, of neem contact op met Rabe Dierenwereld als je hier niet uitkomt.

Kan ik een gewone metalen staaf als aardpen gebruiken?

Dat wordt afgeraden. Een aardpen die speciaal voor schrikdraad is gemaakt, is verzinkt en zo vormgegeven dat hij goed contact maakt met de bodem en lang meegaat. Een willekeurige staaf corrodeert sneller en geleidt vaak minder goed, waardoor je aarding minder betrouwbaar wordt.

Waarom voelt mijn schrikdraad zwakker aan bij nat weer?

Bij vochtig weer raakt natte begroeiing vaker de draad, waardoor er meer stroom wegvloeit naar de grond voordat een dier het raster aanraakt. Een stevige aarding met voldoende aardpennen vangt een deel hiervan op, maar het helpt ook om het gras onder het raster kort te houden.

Mijn raster geeft ondanks een goede aarding nog steeds weinig schok, wat nu?

Controleer dan eerst alle overige onderdelen: het apparaat, de isolatoren, de draad en eventuele beschadigingen in het raster. Kom je er zelf niet uit, neem dan gerust contact op met Rabe Dierenwereld, wij denken graag mee over de juiste oplossing voor jouw situatie.

Bij Rabe Dierenwereld vind je alles voor een betrouwbare weideafrastering, van apparaten en isolatoren tot aardingsmateriaal en bevestiging. Zo houd je je vee, schapen, geiten of paarden veilig binnen de lijnen, het hele jaar door.